Qigong

De kunst van de Stilte in de beweging En de beweging in de Stilte.

Qigong is een Chinees gezondheidssysteem waarvan de oorsprong verdwijnt in een zeer ver verleden. Ten tijde van de bloei van de Veda’s in India (ongeveer 4000 jaar voor Christus), leefde ook in China een krachtige energetische cultuur. Deze beide kernen hebben bovendien een intense uitwisseling gehad met elkaar.

Qigong is in feite een verzamelnaam voor een groot aantal verscheiden technieken. De naam “Qigong” is nog niet zo oud. Vroeger sprak men van Dao Yin, Xing qi enz.

Qigong bevat zowel krachtige, martiale oefeningen als zachte, vloeiende bewegingen, concentratie en visualisatie, relaxatie, ademhalingsoefeningen, zelfmassage enz. Centraal staat het begrip “Chi” – de vitale levensenergie. Elke techniek die op welke wijze ook deze “Chi” beïnvloedt, is Qigong. Qigong staat immers voor: “het bedreven zijn (gong) in het omgaan met Chi (soms ook geschreven als Qi of Ki). De oorspronkelijke betekenis van “Chi” is damp: de energie die ontstaat als water (Yin) en vuur (Yang) samenkomen.

Achtergronden

Van de 3 strekkingen die het leven in het oude China sterk hebben beïnvloedt, nl. het Confucianisme, het Taoïsme en het Boeddhisme, zijn het de laatste twee die vooral de Qigong hebben gevormd. Samen met inzichten uit de Traditionele Chinese Geneeskunde (T.C.M.) gaf vooral de Taoïstische natuurfilosofie een degelijke energetische fundering aan de technieken. Door intuïtieve observatie ontwikkelden de oude Taoïsten een energieconcept dat zeer nauw aansluit bij de bevindingen van de moderne wetenschap (relativiteitstheorie, kwantumfysica, chaostheorie, systeemdenken.

De Taoïstische visie toont ons een energetisch model waar Energie zowel als basis (oorsprong) en als dynamisch element van alles wordt gezien.

Ze onderkenden een ongedifferentieerde basisvorm van energie: Wu-ji, een oerenergie, met een sterke potentiële, sluimerende kracht. Deze basisenergie blijft steeds aanwezig en vormt tegelijk het basis substraat waaruit gemanifesteerde energie ontstaat en waarnaar ze terugkeert (kringloop).

Wanneer de potentie van deze energie zich differentieert in 2 polen (Yin en Yang) wordt de basis gelegd van een creatieve scheppingsenergie, de Chi. Schepping is alleen mogelijk als de beweging in polariteit. Door deze voortdurende beweging van Yin en Yang ontstaat de gemanifesteerde schepping, in een proces van steeds verdere differentiatie. Alles in de gemanifesteerde schepping is voortdurend in beweging, volgens de principes van polariteit (Yin en Yang) en met elkaar verbonden in verschillende systemen, basisfunctiepatronen van energie. Deze open systemen staan met elkaar inuitwisseling en ondersteunen de kringloop van transformatie. Dit energetisch concept wordt symbolisch weergegeven in de leer van de 5 Elementen (water, hout, vuur, aarde, metaal) of WUXING en in de 8 Trigrammen (PAKUA) van de I Ching. In feite is dit het oudste eco-dynamisch systeem.

Door praktische, klinische ervaring is dit concept uitgegroeid tot een efficiënt therapeutisch model, dat gehanteerd wordt in de Qigong, de Shiatsu, de Accupunctuur, de T.C.M. (Traditionele Chinese Geneeskunde). Het vormt tevens een van de fundamenten van Tai-ji Chuan.

De T.C.M.

Willen we het concept van de traditionele Chinese geneeskunde begrijpen, dan moeten we even afstand doen van ons klassiek Westers geconditioneerd denken.

Westerlingen zijn in hun denken, waarnemen en handelen geconditioneerd op het Newtoniaans patroon: de werkelijkheid wordt ervaren als opgesplitst in afzonderlijke elementen, die in wezen vrij statisch zijn. Dit structureert een begripsmatig, causaal, analytisch en lineair denken, dat de dingen opsplitst en uit hun samenhang haalt. Dit vertaalt zich in een analytische, symptomatische geneeskunde en in een denkpatroon dat een afstand schept tussen wat “IS” en “wat moet zijn”. Dit conditioneert het gedrag op presteren, inspanning, doen. Het is een horizontale leefwijze.

Het Chinese traditionele denken is eerder verticaal: dat wat “IS” is belangrijk. Het zoekt niet zozeer naar oorzaken, maar naar samenhang, processen, interrelaties, zoals ze zich op dat moment voordoen. Het veronderstelt een luisteren naar wat IS. Dit vormt de basis van de traditionele Chinese geneeskunde.

Wat zich energetisch afspeelt in het universum, de natuur, vinden we ook in de mens. Het energiesysteem is de basis voor gezondheid. Ook in de mens spelen de principes van Yin en Yang, beweging, transformatie en uitwisseling een rol. De vitale levensenergie –de Chi- concentreert zich in enkele vitale punten (Dantien) en kent een heel typische innerlijke huishouding. Ze beweegt zich in verscheidene functiekringen doorheen “meridianen”. Ook de innerlijke organen zijn generators en transformators van Chi. Naargelang de kwaliteit en de functie van Chi onderscheiden we verschillende typen (bv long-chi, hart-chi, nier-chi, enz.)

Peilers van Qigong.

Beweging (zowel innerlijk als uiterlijk), ademhaling en ontspanning (loslaten) vormen de basis van Qigong. Qigong werkt vanuit het verticale bewustzijn: het besef dat Wu-ji, de basisenergie, steeds “IS”, de bron van Energie en Stilte, en dat “Loslaten” je niet alleen terugbrengt naar je innerlijke kern, maar tevens ruimte, evenwicht, harmonie en bewegingsmogelijkheid creëert in je gemanifesteerde bestaan. Dit vertaalt zich in een evenwichtige gezondheid, een psychische en emotionele veerkracht, een stevige aarding en een verhoging van de vitaliteit.

De ademhaling is het belangrijkste voertuig van de Chi. Ademhaling blijft daarom een heel belangrijke rol vervullen in de Qigong en voedt onze levensenergie.

Effecten.

Door zijn totaalbenadering laten de effecten van Qigong zich in vele aspecten voelen. Het ontspant spieren en zenuwstelsel, versoepelt gewrichten en houdingblokkades, regulariseert de stofwisseling en de processen van bloedsomloop, lymfe enz. Psychologisch verfijnt het het lichaamsgevoel, versterkt het de aarding en brengt het innerlijke verstilling.

Het belangrijkste effect ligt echter op energetisch vlak.

In China wordt reeds lang medisch gewerkt met Qigong. Ook de Westerse energetische geneeskunde begint de waarde van Qigong te beseffen. In Amerika en ook in China wordt steeds meer experimenteel onderzoek gedaan naar de therapeutische mogelijkheden Qigong (zie: Handboek Qigong, K. Cohen.

Aldus is Qigong een oude kunst en wetenschap, maar tegelijk ook een nieuwe. Haar kennis en kunde is levendig zoals de beweging van energie zelf.

Ze bevat een enorm potentieel aan mogelijkheden, indien er op een verantwoorde wijze met word omgegaan.

Je hoeft natuurlijk niet ziek te zijn om Qigong te beleven. Het is de Kunst van de Stilte, met een spelende, creatieve kracht!


Literatuur:

  • Het boek der Chinese gezondheidsoefeningen
  • Qigong – Handboek, Kenneth S; Cohen, Uitgeverij Servire, 1998, 510 blz.
  • De innerlijke structuur van Tai-chi, De Taoïstische kunst van Tai Chi Chi Kung, Mantak Chia en Juan Li, Uitgeverij Becht, 189 blz.